Kruimelpad
- Homepage
- Actueel
- Kamerstukken
- Brief aan de Tweede Kamer over misbruikbestrijding alarmnum...
Inhoud pagina: Brief aan de Tweede Kamer over misbruikbestrijding alarmnummer 112
17 maart 2005
Op 5 januari 2005 heeft het lid de heer van Heemst mij vragen (2040505890) gesteld over het misbruik van het alarmnummer 112. Ik wil mij niet beperken tot de antwoorden op deze vragen alleen. Daarom doe ik u deze brief toekomen, waarin ik mijn beleid voor de bestrijding van het misbruik van 112 uiteenzet. Ik ga er van uit dat ik de door uw lid, de heer van Heemst, gestelde vragen hiermee tegelijkertijd beantwoord heb.
Aanleiding
Tot mijn ontsteltenis wordt er nog steeds veel misbruik gemaakt van het alarmnummer 112. Dit ondanks voorlichtingscampagnes. Afhankelijk van de periode (met name tijdens de schoolvakanties) kan dit misbruik oplopen tot 85% bij mobiele oproepen. Ik acht dit onaanvaardbaar en wil daarom ook de Kamer over mijn aanpak voor het bestrijden van dit misbruik informeren.
Het is helaas niet mogelijk om met één enkele maatregel het misbruik van het alarmnummer 112 te beperken. Het door mij voorgestane pakket zal dan ook bestaan uit een set van maatregelen die samen een gestructureerde aanpak van dit misbruik mogelijk maken.
Deze maatregelen beogen zowel het actuele misbruik te verminderen (preventie) als bij het constateren van misbruik de misbruiker hiervoor te vervolgen en aansprakelijk te stellen (repressie). Hiertoe zal de onderlinge afstemming tussen de 112-centrales over misbruik, de communicatie over vervolging en de vervolging van het misbruik zelf verbeterd en aangescherpt dienen te worden. Een aantal maatregelen zal generiek voor het gehele 112-gebied gelden. Andere maatregelen betreffen meer specifiek misbruik van 112 door oproepen via het vaste net, of oproepen via het mobiele net.
In een aantal gevallen is het nog niet duidelijk of de voorgestelde maatregel praktisch realiseerbaar is. Hieraan kunnen bestuurlijke, juridische of technische belemmeringen debet zijn. Het onderzoek hiernaar loopt en zodra er geen belemmeringen meer zijn, zal ik ook deze maatregelen kunnen effectueren.
Het totale pakket aan maatregelen wat ik voorsta, is hieronder beschreven.
Verbeteren van de misbruikregistratie
Om tot een goede misbruikbestrijding te kunnen komen is het ten eerste nodig om een adequate registratie van dit misbruik te hebben en de mogelijkheid om tijdens een misbruikoproep eenvoudig te achterhalen of er door dit nummer reeds vaker misbruikoproepen gepleegd zijn.
Op dit moment wordt al bij iedere oproep vastgelegd of het wel of niet misbruik betreft. De 112 centralist kan op dit moment niet tijdens een gesprek achterhalen of er sprake van recidive is. Dit kan pas achteraf. In mijn opdracht worden thans de 112-centrales dusdanig aangepast, dat -wanneer de abonneegegevens bekend zijn- tijdens het gesprek niet alleen het telefoonnummer, maar ook de naam van de abonnee en de bijbehorende adresgegevens zichtbaar worden. Dit heeft grote voordelen bij zowel bonafide als bij malafide oproepen.
Zodra deze functionele aanpassing gerealiseerd is, zal ik opdracht geven tot een verdere uitbreiding van de functionaliteit. Hierdoor zal het voor de centralist mogelijk worden, nadat hij een misbruikindicatie heeft toegekend, in één oogopslag te zien of er bij deze aansluiting de afgelopen zes maanden eerder misbruik geconstateerd is. Een effectievere afhandeling van misbruikmeldingen wordt hierdoor mogelijk gemaakt.
Het verbeteren van de informatie-uitwisseling tussen de 112-centrales.
Ik ben van mening dat de aanpak van misbruik van 112 thans nog te veel verschilt per regio. De aanpak van dit misbruik dient landelijk eenduidig te zijn. Ik wil daarom de informatie-uitwisseling tussen de 112-centrales verbeteren, waardoor niet alleen de kennis over misbruik, maar ook de kennis over de vervolging van misbruik onderling beter uitgewisseld wordt. In 2004 is binnen het overleg hoofden 112 een weekgroep informatie-uitwisseling misbruikbestrijding opgericht. Deze werkgroep heeft meegewerkt aan deze aanpak.
Vervolging
Volgens de Telecommunicatiewet is vervolging van misbruik alleen mogelijk volgens artikel 142 van het wetboek van strafrecht. Dit is een arbeidsintensieve en kostbare procedure. Daarom worden in de praktijk alleen notoire gevallen van misbruik vervolgd. Binnen het ministerie van Justitie wordt thans onderzocht of de mogelijkheid bestaat om in minder ernstige gevallen bestraffing door middel van administratieve afhandeling (vergelijkbaar met de wet Mulder) mogelijk gemaakt kan worden of dat er andere mogelijkheden zijn om de vervolging te vereenvoudigen. Ik verwacht binnen twee maanden een concreet antwoord te ontvangen.
Voice-bom
In een aantal regio’s zijn proeven gedaan met de z.g. voice-bom. Hierbij worden in geval van beperkt misbruik geautomatiseerd waarschuwingsboodschappen naar de betreffende mobiele telefoons gezonden. Hoewel dit niet in alle gevallen van misbruik via een mobiele telefoon toegepast kan worden (niet altijd is het telefoonnummer bekend) zijn de resultaten dermate positief dat ik besloten heb om deze voice-bom methode landelijk in te voeren.
Deactivering mobiele telefoons
In lang niet in alle gevallen zijn bij mobiele telefoons gegevens van de eigenaar te achterhalen. Het wordt van groot belang geacht om, in geval van incidenten, zo laagdrempelig mogelijk de hulpdiensten te kunnen alarmeren. Hierdoor is het mogelijk om met een mobiele telefoon waar geen SIM-kaart in aanwezig is, of waar deze niet geactiveerd is, toch 112 te bereiken. In deze gevallen, of bij de z.g. pre-paid telefoons zijn de abonnee gegevens niet bekend of te achterhalen en wordt de facto anoniem gebeld. In deze gevallen kunnen de eerder voorgestelde maatregelen om misbruik tegen te gaan niet ingezet worden.
Ik acht dit ongewenst. Ik heb daarom ook opdracht gegeven om te onderzoeken of het mogelijk is om in dit soort gevallen van misbruik de betreffende mobiele telefoon voor kortere of langere tijd te kunnen deactiveren. Dit houdt in dat de onderhavige mobiele telefoons op andere wijze geïdentificeerd dienen te worden en dat medewerking van de mobiele telecommunicatieaanbieders essentieel is om deze telefoons te blokkeren.
Door mijn collega van Justitie is een onderzoek opgestart naar het blokkeren van gestolen mobiele telefoons. Gelet op de gelijksoortigheid van de beoogde aanpak zal ik bezien of het zinvol is de uitkomsten van beide onderzoeken te combineren. Uit het onderzoek is gebleken dat om technische redenen de beoogde aanpak van justitie in niet bruikbaar is voor het blokkeren van 112-oproepen. Wel is het mogelijk om de betreffende 112-oproepen te blokkeren in de 112-centrale. Deze oplossing kan in het vierde kwartaal van 2005 worden ingevoerd.
Openbare telefooncellen en misbruik
Misbruik via het “vaste” telefoonnet is relatief beperkt en gemakkelijk traceerbaar. Dit omdat bij iedere oproep naar 112 het telefoonnummer wordt meegezonden en de abonneegegevens bekend zijn. Hierdoor is het niet mogelijk om van huis uit een anonieme oproep te doen. Verreweg het meeste misbruik van 112 via het vaste net wordt daarom gemaakt via telefooncellen. Bij 112 is wel bekend vanuit welke telefooncel het misbruik gepleegd wordt, maar de gegevens van de misbruiker zijn uiteraard niet bekend. Sporadisch wordt, wanneer er sprake is van zeer ernstig misbruik, door de politie wel gepost. Maar deze methode is dermate arbeidsintensief en bovendien in de praktijk niet erg effectief, dat dit middel slechts zeer zelden ingezet wordt. Ik ben daarom op zoek gegaan naar middelen om deze vorm van misbruik toch tegen te kunnen gaan.
Het plaatsen van camera’s in telefooncellen van waaruit regelmatig misbruikoproepen gepleegd worden zou een middel kunnen zijn. Ik denk dat hierdoor niet alleen het misbruik zal verminderen, maar ook zal de anonimiteit van de dader opgeheven worden. Immers wanneer er een foto of kort filmpje gemaakt wordt van de 112-beller, is in ieder geval een signalement bekend. Ik heb zelfs het sterke vermoeden dat simpelweg het plaatsen van stickers dat er camera’s geplaatst zijn om misbruik van 112 te voorkomen, preventief zal werken.
De beoogde aanpak is technisch en organisatorisch mogelijk. De opvolging door de politie moet nog worden uitgewerkt. Voordat ik tot landelijke implementatie overga, wil ik eerst door een pilot (ik denk hierbij aan zo’n 10 telefooncellen van waaruit veel misbruik gepleegd wordt) in de praktijk de effectiviteit van dit idee onderzoeken.
Elektronische filtering/afhandeling recidive
Er zijn diverse personen die notoir misbruik maken van 112. Dit betekent een grote (emotionele) belasting voor de centralisten en bovendien worden andere, valide, noodoproepen belemmerd. Ik wil daarom 112-oproepen van personen, die regelmatig misbruik plegen en hier al meerdere malen voor vervolgd en gestraft zijn, afhandelen buiten het normale 112-circuit om. Hierbij moet er voor gezorgd worden dat als deze mensen wel een echte noodmelding hebben, ze toch geholpen worden.
Dit heeft consequenties voor de (technische) infrastructuur en apparatuur van de 112-centrales. Echter in de komende jaren zal door nieuwe voorschiften van de Europese Unie de functionaliteit van 112 toch moeten worden uitgebreid. Dit kan niet zonder de technische infrastructuur en de apparatuur van de huidige 112-centrales aan te passen en te vervangen. Bij het opstellen van de specificaties voor de nieuwe apparatuur wil ik de mogelijkheid tot realisering van de hierboven beschreven functionaliteit meenemen.
Voorlichting
Zodra het mogelijk is om misbruik en misbruiker beter te detecteren en de vervolging effectiever en eenvoudiger te effectueren, zal ik een uitgebreide voorlichtingscampagne starten. Door deze campagne wil ik het publiek er van doordringen wat de consequenties zijn van misbruik van het alarmnummer 112.
Hierbij wil ik een tweetal consequenties met name over het voetlicht brengen:
- wat betekent misbruik voor de noodhulp aan anderen;
- wat zijn de persoonlijke consequenties voor de misbruiker.
DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES,
J.W. Remkes
